• Decrease font size
  • Reset font size to default
  • Increase font size

Nieuws

20-08-2016: Link naar brief over ziekte

Tips!

Gebruik het email icoon voor een printervriendelijke versie!
Probeer ook eens de zoekmachine rechts bovenin! Ongetwijfeld bespaart dat veel moeite bij het zoeken.
De valse godsdienst weren en uitroeien PDF Afdrukken E-mail
Geschreven door G. Hette Abma   
vrijdag 25 november 2005 08:04

De valse godsdienst weren en uitroeien

 

De geschiedenis herhaalt zich. Exact honderd jaar geleden nam de Generale Synode van de Gereformeerde Kerken te Utrecht het besluit een passage uit artikel 36 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis te schrappen. Voor alle duidelijkheid is dit de krasse omschrijving in eenentwintig woorden betreffende de taak der overheid: “om te weren en uit te roeien alle afgoderij en valse godsdienst, om het rijk des antichrists te gronde te werpen”. Inmiddels was de Gereformeerde Synode op 15 november 2002 tot de slotsom gekomen dat de tekst van de NGB inclusief de zinsnede gelezen moest worden. De argumentatie gaf overigens wel te denken. Het zou onbegonnen werk zijn op basis van nieuwe inzichten wijzigingen aan te brengen in de oude tekst van belijdenisgeschriften. Nochtans moet het een riem onder het hart zijn bij een onherstelbaar hervormde dat artikel 36 in onverkorte vorm in de kerkorde van de Protestantse Kerk in Nederland werd opgenomen.

 

Gravamen

Recent werd een gravamen ingediend door de gereformeerde emeritus predikant dr. C. van de Vate uit Culemborg tegen de door hem als weerzinwekkend ervaren passage in het befaamde artikel uit de Geloofsbelijdenis. Dit gebeurt met precies dezelfde argumenten als destijds door Abraham Kuyper naar voren werden gebracht. Het zou geheel indruisen tegen het getuigenis van de heilige Schrift en ook in strijd zijn met het principe van de gewetensvrijheid.

 

Het lijkt me een prima idee het gesprek over de verhouding kerk en staat met elkaar aan te gaan. Om al meteen een gravamen in te dienen tegen de belijdenis der kerk is naar mijn besef niet zo verstandig. Je gaat toch ook niet direct veranderingen aanbrengen bij een antieke kast. Het komt me voor dat mijn collega de grote bolpoten onder de kussenkast wil verwijderen. Hij denkt zeker dat het oude meubel beter kan steunen op ranke pootjes van Ikea-design. Zo zouden we met onze confessie beter in de moderne tijd staan. De vormgeving van ons voorgeslacht wordt als te massief en zelfs intolerant ervaren. Of dit een terechte indruk is, dat moeten we met elkaar nog wat nader bezien.

 

Kerk en staat

Om te beginnen zullen we ons steeds weer tegen de gedachte van een neutrale staat moeten verzetten. In Frankrijk spreekt men over de laïcité. De gevolgen zijn duidelijk merkbaar. Vroeger was het: gelijke monniken gelijke kappen. Nu zal het in de multiculturele setting iets worden in de trant van gelijke hoofddoekjes. Zoals moslims geen herkenbare tekenen mogen hebben van hun geloof, zo geldt dat ook voor Joden en christenen. Met je nauwelijks getolereerde geloofsovertuiging word je achter het hypermoderne behang geplakt.

 

Tegen de scheiding van kerk en staat behoeven we geen protest aan te tekenen. Er is een onderscheiden functie voor de gemeente van Jezus Christus en de overheid. Geheel in de geest van artikel 36 kunnen we daarover in eigentijdse woorden spreken. Het is de taak van de overheid als dienaresse van God een voorwaardenscheppend beleid te ontwikkelen. Concreet valt te denken aan de bestrijding van de criminaliteit. Allerlei maatregelen dienen getroffen te worden om de goede orde in de samenleving te bewaren. Maar ook ten aanzien van het functioneren van de kerk mag support verwacht worden. Waarom zou er subsidie gegeven worden voor sport en cultuur en niet voor de activiteiten van gelovigen? Het zal hopelijk overbodig zijn daarbij te verklaren dat men zélf de boodschap bepaalt en dat de regel niet geldt: wiens brood men eet, diens woord men spreekt. Van de kerk mag verwacht worden dat er op beslissende momenten profetisch gesproken wordt in de richting van de overheid.

 

Van de overheid waar Paulus mee te maken had kon niet verwacht worden dat er onderscheidingsvermogen was in geestelijke zaken. Dit zelfde gold in de dagen van Guido de Brès. In de door hem opgestelde confessie heeft hij daar blijk van gegeven. Het bederf van het beste is het slechtste. Als religie ontaardt, dan is dat een complete ramp! Destijds bleek dit bij het opereren van de Romeins-katholieke kerk. Hoe bedreigend werd het ervaren dat men ernaar streefde de kromstaf over ons land te zwaaien. Gelukkig is er inmiddels veel veranderd. Als christenen zijn we allemaal in de marge van een geseculariseerde samenleving terecht gekomen. Bescheidenheid is geboden. Toch behoeven we niet ons zelfbewustzijn kwijt te raken. Onverminderd blijft een hoge roeping bestaan. Al is het nooit af te dwingen toch vragen we nadrukkelijk respect te tonen voor de God van Israël. Dit is het directe gevolg van de proclamatie van Hem die de hele wereld regeert.

 

Dreiging van de islam

Eeuwenlang was er dus vrees voor een suprematie van de Romeins-katholieke kerk. Dit is bij nader inzien geweldig meegevallen. Het zou van argeloosheid getuigen wanneer we hetzelfde veronderstellen bij de islam. Waarschijnlijk is het door angst ingegeven dat velen een nadrukkelijk onderscheid willen maken tussen een vredelievende islam en de extremistische variant van die godsdienst. Als we niet oppervlakkig te werk willen gaan zal het belangrijk zijn na te gaan of de islam niet per definitie een intolerante godsdienst is. Er zijn wereldwijd bewijzen genoeg voor aan te voeren. Je durft toch bijna niet met goed fatsoen te spreken over theocratie? Als een bevindelijk-gereformeerd predikant wijst op de plicht van ieder God te eren, dan wordt hij meteen vergeleken met een ayatollah. Wanneer een christen-politicus oproept de geboden van God te gehoorzamen, wordt hij direct gedacht aan een poging de sharia in te voeren.

 

Hoe merkwaardig dit velen in de oren mag klinken, toch kunnen we het beste met artikel 36 in de hand pleiten voor een verdraagzame samenleving. De zuivere vorm van de theocratie geeft de waarborg voor geestelijke vrijheid. Waar we belijden dat God de wereld regeert, daar is tolerantie gegarandeerd niet als concessie, maar per confessie. God geeft ons immers de ruimte om in alle vrijheid te komen tot de overgave van het geloof. Naar ik hoop kan ieder van ons uit een persoonlijke geloofservaring ervan getuigen dat de heilige Geest niemand molesteert. Voor moderne mensen klinkt het woord lankmoedigheid erg archaïsch in de oren. Maar het is ondertussen wel zeer typerend voor de omgang van de HEERE met Israël en de volkeren.

 

Actualiteit van artikel 36

Er kan verrassend veel ruimte gegund worden aan de islam. Zeker wanneer we dat vergelijken met de plek die christenen gegund wordt in landen waar geestelijken in de naam van Allah de scepter zwaaien. Er zijn echter ook zekere grenzen. Het stemde me dankbaar dat dr. K. Blei - de vroegere secretaris-generaal van de Nederlandse Hervormde Kerk – te kennen gaf dat hij met mij van oordeel is dat dan opeens artikel 36 actueler zal blijken te zijn dan vaak gedacht. Zo krijgt dr. C. van de Vate het wellicht van een voor hem meer onverdachte zijde te horen!

 

Wat moeten we ons voorstellen bij een concrete toepassing van die gewraakte zinsnede uit artikel 36? Om te beginnen kan het niet getolereerd worden dat er een gebedsoproep gedaan wordt van de minaret. Is dat geen discriminatie? Waarom mogen christenen wel de klok luiden? Dit is slechts een publieke aankondiging van het begin van een kerkdienst. Wanneer het op de zondagmorgen overlast veroorzaakt, zouden we moeten overwegen of we dit willen. Ook al klinkt het velen dierbaar in de oren, van origine is het een heidens kabaal! De gebedsoproep heeft evenwel de opzet beslag te leggen op de hele samenleving. Allah Akbar! Dat betekent niet: Allah is groot, zoals de meeste mensen denken. Het is de overtreffende trap: Allah is groter, namelijk dan de God van de Joden en de christenen. Het is toch geen vraag of we dat moeten dulden in een vanouds gekerstende of als u wilt inmiddels geseculariseerde cultuur.

 

De wacht aanzeggen

Nog meer alert zal de overheid erop moeten toezien wat in een moskee of op een islamitische school geleerd wordt. Jongeren mogen toch niet opgevoed worden tot haat jegens christenen of vergiftigd worden met antisemitische gevoelens. Men moet er niet voor terugdeinzen een radicale imam uit te wijzen, wanneer deze een extremistische boodschap uitdraagt. Wie durft het te tolereren dat mensen geobsedeerd door de jihad oproepen tot een gewelddadige strijd tegen ongelovigen? Veel kerkmensen vonden het verschrikkelijk dat Theo van Goch vermoord werd, maar tegelijk veroordeelden ze zijn onfatsoenlijke uitspraken. Het getuigt van argeloosheid te veronderstellen dat ergernis over de omstreden uitlatingen de diepste beweegreden vormde voor de rituele slachting van de cineast. Het kan toch bekend zijn dat ook mensen met een onbesproken gedrag zoals Jan Peter Balkenende of André Rouvoet opeens het mikpunt kunnen worden van gewelddadige acties?.

 

Reden genoeg om de islamitische gelovigen de wacht aan te zeggen. Aan de vrijheid van godsdienst zijn ook grenzen. Helaas blijkt in onze multiculturele samenleving hoe actueel onze Geloofsbelijdenis uit de zestiende eeuw wel is. Laat de synode het gravamen ongegrond verklaren en vervolgens met artikel 36 in de hand oproepen tot het weren en uitroeien van een godsdienst die zich uit in geperverteerde vormen.

 

G. Hette Abma

 

De Waarheidsvriend 93 e jaargang nummer 23 - 9 juni 2005

 

Doorzoek de pagina

Bezoekers

Artikelweergaven (hits) : 283088